Huisvesting statushouders

Gemeenten krijgen per half jaar van het Rijk een taakstelling om vluchtelingen met een verblijfsvergunning – statushouders – te huisvesten. Voor de eerste helft van 2019 moeten gemeenten zo’n 8.000 statushouders woonruimte bieden.

Verantwoordelijkheden en wettelijke bepalingen

Wanneer asielzoekers een verblijfsvergunning krijgen, stromen ze uit naar gemeenten. Die krijgen vanuit het Rijk halfjaarlijks een taakstelling opgelegd voor het aantal te huisvesten statushouders. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) wijst deze statushouders toe aan gemeenten. Gemeenten moeten hen passende woonruimte aanbieden. Binnen die taakstelling worden statushouders zoveel mogelijk gekoppeld aan een gemeente waar voor hem of haar de beste kansen liggen voor integratie en participatie.

Achtergrondinformatie

Door de sterke instroom van vluchtelingen in de periode 2014-2016 kwam Nederland voor de grote opgave te staan om adequate opvang te organiseren en huisvesting te regelen. Gemeenten kregen een belangrijke verantwoordelijkheid in de opvang van vluchtelingen met een verblijfsvergunning. Statushouders komen te wonen in sociale huurwoningen. Gemeenten werken daarvoor onder andere samen met woningcorporaties.  Om ervoor te zorgen dat er genoeg sociale huurwoningen in Nederland zijn, heeft het kabinet de Tijdelijke regeling stimulering huisvesting vergunninghouders ingesteld. Die regeling geldt tot 2021. Via deze regeling kunnen verhuurders – bijvoorbeeld gemeenten of woningcorporaties – subsidie aanvragen voor het realiseren van woonvoorzieningen voor statushouders. Gemeenten waren verplicht om statushouders voorrang te verlenen boven andere wachtenden op een sociale huurwoning. Sinds juli 2017 is deze verplichting vervallen. Sommige gemeenten blijven statushouders voorrang verlenen, andere gemeenten doen dat nu niet meer.

Tools en leeromgeving

  • Stappenplan realisatie taakstelling vergunninghouders

Inspiratie en praktijkvoorbeelden